Calliope Tsoupaki

Op 25 november 2018 wordt Calliope Tsoupaki geïnstalleerd als de nieuwe Componist des Vaderlands, live op televisie tijdens Podium Witteman. Twee jaar lang is zij het boegbeeld van de nieuwe Nederlandse muziek. Calliope Tsoupaki neemt het stokje over van Mayke Nas en is unaniem gekozen door een jury die onder voorzitterschap stond van Adriana van Dooijeweert, voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens. Van Dooijeweert: “De jury is onder de indruk van de integere en bevlogen persoonlijkheid van Calliope Tsoupaki, die als componist middenin de samenleving wil staan en zo de harten van velen kan winnen voor de muziek van nu.” 

Als Componist des Vaderlands ziet Calliope Tsoupaki het als haar belangrijkste taak om het ambacht van componist beter zichtbaar te maken voor een breed publiek. “We werken niet in onszelf gekeerd in een achterkamertje. We zijn mensen van vlees en bloed. We hebben een ambacht dat al eeuwen bestaat en zal blíjven bestaan.” Via sociale media en de website van Componist des Vaderlands wil zij het publiek nu en dan laten meekijken als zij een nieuw stuk componeert.

Calliope Tsoupaki treedt als Componist des Vaderlands ook op als ambassadeur en gaat in gesprek met collega-componisten, musici, programmeurs, concertbezoekers, politici en programmamakers bij radio en tv.

Nieuwe composities voor buiten de concertzaal
Om een groter publiek te bereiken schrijft Calliope Tsoupaki de komende twee jaar een reeks nieuwe composities voor evenementen buiten de concertzaal. Bij haar eerste optreden in functie tijdens Podium Witteman speelt Eric Vloeimans een nieuw werk van haar voor trompet solo. Voor de Dag van de Mensenrechten, op 10 december in de Dom van Utrecht, schrijft Tsoupaki een solostuk voor de panfluitist Matthijs Koene.

Calliope Tsoupaki wil met nieuwe werken ook snel gaan inspelen op landelijke gebeurtenissen. Zij heeft er ervaring mee. In 2010 componeerde ze als hommage aan de schrijver Harry Mulisch, binnen een dag na zijn overlijden, de 1-minuut-opera Vesuvius 1927, die te zien was bij De Wereld Draait Door. In haar ogen kan muziek de actualiteit in een ander licht zetten. “Muziek zegt iets over de mens wat op een andere manier niet gezegd kan worden. Het opent een poort naar een wereld waarvan je niet wist dat hij bestond. Dat ga ik als Componist des Vaderlands uitdragen, even dienstbaar als een bouwvakker of vuilnisman.”

Een onmiskenbaar eigen stijl
In 1988 emigreerde Calliope Tsoupaki naar Nederland om compositie te studeren bij haar idool Louis Andriessen. Zij is daarna uitgegroeid tot een van de meest spraakmakende componisten in ons land. Zij kreeg in de pers vijf sterren voor Salto di Saffo dat op 6 oktober tijdens de NTR ZaterdagMatinee in het Concertgebouw in première ging. Al even succesvol was Tragoudi, een dubbelconcert voor klarinet en trompet, op 11 juni een hoogtepunt in het Holland Festival. De muziek van Tsoupaki heeft een tijdloze schoonheid, vitaliteit en urgentie. Ze gebruikt elementen uit oude én hedendaagse muziek en de muziek van Griekenland en het Midden-Oosten. Daaruit smeedt zij een onmiskenbaar eigen stijl.

 

Naar aanleiding van de benoeming sprak Guido van Oorschot met Calliope Tsoupaki:

Noodzakelijk ambacht

 Calliope Tsoupaki is de derde Componist des Vaderlands. Wie is zij en wat zijn haar plannen? ‘Ik wil ons vak voor een breed publiek zichtbaar maken.’

Door Guido van Oorschot

Natuurlijk was Calliope Tsoupaki verbaasd toen men haar polste of ze Componist des Vaderlands wilde worden. Kijk naar haar naam: honderd procent Grieks. Luister naar haar muziek: iets Byzantijns, of antiek Grieks, of oerouds schemert er algauw doorheen. ‘Tegelijkertijd heb ik al jaren een Nederlands paspoort. En niet zomaar: ik heb Nederland lang geleden geadopteerd als mijn artistieke vaderland.’

Spoelen we de tijd drie decennia terug. Op de kade van Piraeus, haar geboortestad, pakt de twintiger Tsoupaki de boot. Ze moet en zal naar Nederland. De taal heeft ze alvast geleerd. Over de namen van componisten als Guus Janssen en Cornelis de Bondt zal ze haar tong niet breken. Ook heeft ze cassettebandjes met Nederlandse muziek stukgedraaid, vooral die van ene Louis Andriessen. Bij hem moet ze zijn. ‘Ik ging op reis zoals een gezel in de Middeleeuwen: om de kunst te leren bij een bewonderde meester. Het bloeiende, vrijzinnige muziekleven kreeg ik er gratis bij.’

 

 

Eigen circuitjes
Calliope Tsoupaki ontvangt mij op haar Amsterdamse werkkamer. Die ligt weliswaar driehoog achter, maar is een creatief lustoord met klavier, boeken, cd’s en iconen. Zeeblauwe ogen heeft ze – nog een reden waarom de componist zich in Griekenland altijd een buitenbeentje heeft gevoeld. Ja, ze heeft getwijfeld of ze, na Willem Jeths en Mayke Nas, wel de derde Componist des Vaderlands wilde worden. ‘Mijn werk vreet zoveel energie. Hoe kan ik het waarmaken, als ik nu al dag en nacht pieker over de noten die ik onder handen heb?’

Tot ze besefte: dat is nu precies het probleem. Waarom zijn componisten als beroepsgroep zo onzichtbaar? Omdat ze ronddraaien in hun eigen kamertjes en hun eigen circuitjes. ‘Daar wil ik als Componist des Vaderlands iets aan doen. We zijn geen geesten, we zijn mensen van vlees en bloed. We hebben een ambacht dat al eeuwen bestaat en zal blíjven bestaan. Dat wil ik voor een breed publiek zichtbaar maken.’

Tijdloze klassieker
Voor dat brede publiek lijkt haar eigen muziek alvast geknipt. Calliope Tsoupaki mag dan hebben gestudeerd bij Louis Andriessen, frontman van de beukende en hakkende ‘Haagse School’, háár visioenen zijn vooral melodisch. ‘Mijn muziek klinkt alsof hij al eeuwen heeft bestaan. Hij is reflectief, beschouwend. Maar dat tijdloze is schijn. Het is een persoonlijk idioom dat ik met dertig jaar hard werken heb verworven.’

Neem Salto di Saffo,haar recentste grote stuk, het valt terug te luisteren op NPO Radio 4. De melodie waarmee het orkest opent kan nog alle windstreken op. Maar na een halve minuut sluipt de Oriënt binnen, met panfluit, blokfluit, glijtonen en trillers. Kakelverse noten zijn het, maar naar de geest waaien ze langs de Egeïsche Zee, oude tempels, geheime riten.

Een tijdloze klassieker, kopte NRC Handelsbladna de première. Of het melancholieke muziek is? Door de studio driehoog achter werpt Calliope Tsoupaki een strenge blik. ‘Dan plak je er een eenduidig gevoel op. Terwijl mijn muziek nooit eenduidig is. Ik componeer volgens een principe waarvoor het Grieks het mooie woord charmolypi kent. Dat betekent niet droevig en niet vrolijk, maar beide emoties tegelijk.’

Positief belichten
Soms moet een Componist des Vaderlands snel en praktisch handelen. Bijvoorbeeld als in Nederland iets schokkends of heuglijks voorvalt. Lukt het Calliope Tsoupaki dan binnen een etmaal muziek te leveren? ‘Natuurlijk, dat heb ik al eerder gedaan, met veel plezier. Nadat Harry Mulisch in 2010 was overleden heb ik een nacht doorgewerkt aan Vesuvius 1927, een 1-minuutopera voor De Wereld Draait Door.’

En stel: er is ophef over subsidieslurpers. Springt Calliope Tsoupaki dan in de bres op radio en tv? ‘Dat ben ik als ambassadeur van de Nederlandse componisten verplicht. Maar ik ga niet in een reflex roepen: help, we worden aangevallen! Ik wil het vak op een positieve manier belichten.’

Componeren, zegt Calliope Tsoupaki, vraagt sterke zenuwen. ‘Een creatief vak geeft altijd stress. Dan zit ik hier op mijn werkkamer te broeden op een nieuw stuk en begin met niks. Alles, álles moet constant geboren worden.’ Tegelijkertijd heeft ze het mooiste beroep op aarde, een noodzakelijk beroep bovendien. ‘De kracht van componisten is dat ze muziek scheppen. Muziek zegt iets over de mens wat op een andere manier niet gezegd kan worden. Het opent een poort naar een wereld waarvan je niet wist dat hij bestond. Dat ga ik als Componist des Vaderlands uitdragen, even dienstbaar als een bouwvakker of vuilnisman.’